Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Arrest d.d. 29 juli 2014
[appellant sub 1]en
[appellante sub 2],
AEGON SCHADEVERZEKERING N.V.,
advocaat: M.M. van Tilburg-van Herk te Tilburg.
Gerechtshof Den Haag
In deze civiele procedure stonden echtgenoten uit Brunssum, appellanten, tegenover Aegon Schadeverzekering N.V. op het gebied van een verzekeringsgeschil. Na eerdere vonnissen werd in hoger beroep een vermeerderde reconventionele vordering van Aegon ingediend ter hoogte van € 2.152,80, gebaseerd op twee facturen van het expertbureau I-Tek.
Het hof gaf appellanten de gelegenheid om op deze vermeerdering te reageren. Appellanten betwistten de factuur van 30 mei 2012 vanwege het ontbreken van inzicht in de noodzakelijke werkzaamheden en voerden aan dat de factuur van 12 april 2013 betrekking had op de aanwezigheid van een expert bij de comparitie, waarvan de kosten reeds in de proceskosten waren begrepen.
Aegon stelde dat de kosten daadwerkelijk waren gemaakt en noodzakelijk waren voor de bewijsvoering om verzekeringsfraude aan te tonen. Het hof oordeelde echter dat de factuur van 30 mei 2012 niet betrekking had op onderzoek van de claim en dat er geen grond was om appellanten te veroordelen tot vergoeding van kosten voor de aanwezigheid van een expert bij de comparitie. Ook ontbrak het aan voldoende onderbouwing voor de factuur van 12 april 2013.
De vermeerderde vordering werd daarom afgewezen. Appellanten werden veroordeeld in de kosten van het hoger beroep tot aan het tussenarrest, terwijl Aegon de kosten na het tussenarrest moest dragen. Beide veroordelingen werden uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De vermeerderde reconventionele vordering van Aegon wordt afgewezen en appellanten worden veroordeeld in de kosten tot aan het tussenarrest.