ECLI:NL:GHDHA:2014:4045
Gerechtshof Den Haag
- Rekestprocedure
- Obbink-Reijngoud
- Kamminga
- Van Veen
- Rechtspraak.nl
Wijziging kinderalimentatie wegens lagere feitelijke winst vader
De moeder is in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de rechtbank Den Haag inzake kinderalimentatie voor twee minderjarige kinderen. De vader, zelfstandig ondernemer met een bloemenshop, had op basis van prognoses een hogere winst opgegeven dan feitelijk werd behaald in de jaren 2010-2013.
Het hof oordeelt dat de rechtbank terecht heeft vastgesteld dat de eerdere beschikking van 1 juni 2010 niet aan de wettelijke maatstaven voldeed, omdat de feitelijke winst van de vader aanzienlijk lager was dan de gemiddelde winst waarop de alimentatie was gebaseerd. De vader had vanaf 20 juli 2009 tot 10 oktober 2014 geen draagkracht om kinderalimentatie te betalen.
De moeder en vader bereikten deels overeenstemming dat vanaf de zittingsdatum een kinderalimentatie van €50 per maand per kind wordt betaald. Het hof vernietigt de bestreden beschikking voor het deel vanaf 10 oktober 2014 en stelt de alimentatie op dat bedrag vast. Voor het overige wordt de beschikking bekrachtigd. De kosten van het geding in hoger beroep worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De kinderalimentatie wordt met ingang van 10 oktober 2014 vastgesteld op €50 per maand per kind.