Uitspraak
Ingangsdatum
Kinderalimentatie
€ 552,- (inclusief fiscaal voordeel) per maand. Derhalve zal ook het hof hiervan uitgaan.
Gerechtshof Den Haag
In deze zaak staat de alimentatie tussen partijen centraal na hun echtscheiding. De man is in hoger beroep gekomen tegen de beschikking van de rechtbank over partner- en kinderalimentatie. De rechtbank had bepaald dat de man maandelijks een bijdrage betaalt voor de verzorging en opvoeding van de minderjarige kinderen en tevens partneralimentatie aan de vrouw.
Het hof bevestigt de ingangsdatum van de alimentatie op 13 juni 2014, de dag van inschrijving van de echtscheidingsbeschikking. De behoefte van de minderjarige kinderen aan kinderalimentatie is vastgesteld op € 200 per kind per maand en wordt door het hof bekrachtigd. De vrouw heeft geen draagkracht om bij te dragen, waardoor de kosten volledig voor rekening van de man komen, die een draagkracht van € 445 per maand heeft.
Ten aanzien van partneralimentatie stelt het hof vast dat de vrouw behoeftig is en geen verdiencapaciteit heeft vanwege haar situatie en het traditionele rollenpatroon tijdens het huwelijk. De man stelt dat hij geen draagkracht heeft vanwege hoge medische kosten, waaronder zorgkosten en hogere elektriciteits- en verwarmingskosten door zijn chronische ziekte. Het hof acht deze kosten aannemelijk en houdt hiermee rekening bij de draagkrachtberekening.
Het hof concludeert dat de man geen draagkracht heeft voor partneralimentatie en vernietigt de beschikking voor zover deze partneralimentatie toekent. De proceskosten in hoger beroep worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het hof vernietigt de partneralimentatiebeschikking wegens onvoldoende draagkracht van de man en bekrachtigt de kinderalimentatie, met compensatie van proceskosten.