Belanghebbende, een maatschap van radiodiagnostische laboranten, was in geschil met de Inspecteur over naheffingsaanslagen omzetbelasting voor de periode augustus 2010 tot en met maart 2011. De rechtbank had geoordeeld dat de diensten van belanghebbende moesten worden aangemerkt als het ter beschikking stellen van arbeidskrachten en dus belast waren met het algemene tarief. Belanghebbende ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
Het Hof stelde vast dat de radiodiagnostisch laboranten gekwalificeerde beoefenaars zijn van een medisch beroep dat valt onder de Wet BIG en dat de verrichte diensten kwalificeren als geneeskundige verzorging van de mens. Het Hof oordeelde dat de prestaties van belanghebbende in aanmerking komen voor de vrijstelling van omzetbelasting zoals bedoeld in artikel 11, eerste lid, onderdelen c, f en g van de Wet OB 1968.
Hierdoor werden de naheffingsaanslagen, heffingsrente en boete vernietigd. Tevens werd de Inspecteur veroordeeld in de proceskosten en werden de betaalde griffierechten aan belanghebbende vergoed. De uitspraak werd op 21 maart 2014 in het openbaar uitgesproken door het Gerechtshof Den Haag.