Uitspraak
GERECHTSHOF Den Haag
Afdeling Civiel recht
1.Het geding
2.Beoordeling van het hoger beroep
3.Beslissing
- eerste aanleg: € 7.333,85;
- hoger beroep: a) griffiegeld € 1815,-; b) advocaatkosten € 1.631,- en c) nakosten € 199,-
Gerechtshof Den Haag
In deze zaak stond centraal of appellante nog een bedrag van €95.000,- onder zich had dat tot de nalatenschap van erflaatster behoorde. Appellante had dit bedrag in opdracht van de executeurs overgeboekt naar een bankrekening van erflaatster. Het hof nam kennis van een verklaring van de executeurs, die bevestigde dat de betalingen conform hun instructies waren gedaan.
Erflaatster was van Taiwanese nationaliteit en overleed in Taiwan, waar ook het testament rechtsgeldig was gemaakt. Het hof achtte het testament en de verklaringen van de executeurs voldoende bewijs dat appellante geen nalatenschapsgelden meer onder zich had.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank Dordrecht, wees de vordering van geïntimeerde af en veroordeelde geïntimeerde tot terugbetaling van eventueel reeds ontvangen bedragen aan appellante, vermeerderd met wettelijke rente. Tevens werd geïntimeerde veroordeeld in de proceskosten van beide instanties.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis en wijst de vordering van geïntimeerde af, met terugbetalingsverplichting en proceskostenveroordeling.