ECLI:NL:GHDHA:2013:CA1963
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- A. Kuijer
- M.I. Veldt-Foglia
- T.J.P. van Os van den Abeelen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens illegaal verblijf ondanks ongewenstverklaring en toepassing Terugkeerrichtlijn
De verdachte, een onderdaan van een derde land, werd vervolgd wegens verblijf in Nederland terwijl hij wist dat hij tot ongewenst vreemdeling was verklaard. De zaak betrof een overtreding van artikel 197 van Pro het Wetboek van Strafrecht op 6 juli 2011.
De verdediging voerde aan dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moest worden verklaard wegens het niet doorlopen van de terugkeerprocedure zoals voorgeschreven in de Terugkeerrichtlijn. Het hof oordeelde echter dat de richtlijn rechtstreekse werking heeft en dat de procedure niet opnieuw doorlopen hoefde te worden omdat er geen nieuwe omstandigheden waren. Ook het beroep op overmacht werd verworpen omdat de verdachte onvoldoende medewerking had verleend aan zijn vertrek en het verkrijgen van reisdocumenten.
Het hof stelde vast dat de ongewenstverklaring geldt als een terugkeerbesluit met inreisverbod en dat de verdachte Nederland niet had verlaten na de verklaring. De strafbaarheid werd bevestigd en de verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie maanden, met aftrek van voorarrest.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot drie maanden gevangenisstraf wegens illegaal verblijf ondanks ongewenstverklaring.