ECLI:NL:GHDHA:2013:CA0726
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Van Leuven
- Mink
- Van Montfoort
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging ondercuratelestelling wegens geestelijke stoornis en benoeming curator
De betrokkene is in hoger beroep gekomen tegen de beschikking van de rechtbank die hem onder curatele stelde wegens een geestelijke stoornis. Het geschil betreft met name de ondercuratelestelling voor zowel vermogensrechtelijke als niet-vermogensrechtelijke belangen en de benoeming van mevrouw [naam] tot curator.
De betrokkene verzet zich tegen de ondercuratelestelling voor zijn niet-vermogensrechtelijke belangen en tegen de benoeming van mevrouw [naam], omdat hij vreest dat dit zijn relatie met haar zal schaden. Hij wil terug naar de situatie waarin zij zijn mentor was en hij meer inspraak had. Hij accepteert echter de curatele voor zijn vermogensrechtelijke belangen en de benoeming van mevrouw Mulder als curator.
Het hof stelt vast dat de geestelijke stoornis van de betrokkene hem belemmert zijn belangen behoorlijk waar te nemen, zowel vermogensrechtelijk als immaterieel. Dit blijkt uit zijn moeilijk begeleidbare gedrag, fantasieën die hem uit de realiteit halen, en incidenten die leidden tot overplaatsingen. Ook heeft hij in het verleden zijn financiële belangen niet adequaat behartigd.
Gezien deze omstandigheden acht het hof de ondercuratelestelling voor zowel vermogensrechtelijke als niet-vermogensrechtelijke belangen noodzakelijk en bekrachtigt de beschikking. Omdat de betrokkene zich niet langer verzet tegen mevrouw [naam] als curator, wordt haar benoeming bevestigd. Het hof wijst op de inspanningen om een passende woonomgeving te vinden die de zelfstandigheid van de betrokkene vergroot.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de ondercuratelestelling en de benoeming van curatoren voor de betrokkene.