ECLI:NL:GHDHA:2013:BZ9634
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep kort geding
- J.M. van der Klooster
- A.A. Rijperman
- R. van der Vlist
- Rechtspraak.nl
Opheffing conservatoir beslag aandelen ss Rotterdam wegens ontbreken bindende koopovereenkomst
Woonbron, eigenaar van de aandelen in Rederij De Rotterdam B.V., wilde deze aandelen verkopen via een veilingprocedure begeleid door KPMG. Veka c.s. bracht biedingen uit, maar er was geen ondertekend bindend contract. Veka c.s. legde conservatoir beslag op de aandelen omdat zij meende de koper te zijn. De voorzieningenrechter wees de vordering van Woonbron tot opheffing van het beslag af, maar het hof vernietigde dit vonnis.
Het hof oordeelde dat Woonbron zich het recht had voorbehouden om zonder aansprakelijkheid het proces te beëindigen zolang er geen ondertekend contract was. Hoewel er op 9 oktober 2012 een positieve bespreking was en een aanbetaling van € 500.000 werd afgesproken, was dit onvoldoende om een bindende overeenkomst aan te nemen. De goedkeuring door de raad van commissarissen van Woonbron was een essentiële opschortende voorwaarde die nog niet was vervuld.
Veka c.s. kon niet vertrouwen op het bestaan van een bindende overeenkomst, ook niet door de uitingen van enthousiasme of het ontbreken van het voorbehoud in sommige documenten. Het beslag werd daarom opgeheven, en Veka c.s. werd veroordeeld in de proceskosten. De incidentele vordering van Veka c.s. tot inzage in documenten werd afgewezen wegens gebrek aan belang.
Het arrest bevestigt het belang van formele contractuele vastlegging en het respecteren van opschortende voorwaarden in complexe verkoopprocedures, zeker bij veilingprocessen met meerdere fasen en externe begeleiding.
Uitkomst: Het conservatoir beslag op de aandelen werd opgeheven wegens het ontbreken van een bindende koopovereenkomst.