ECLI:NL:GHDHA:2013:BZ9207
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging gevangenisstraf van 40 maanden voor handel en vervoer van grote hoeveelheid heroïne
De verdachte werd primair ten laste gelegd dat hij op of omstreeks 1 juni 2011 te Dordrecht, Nederland, opzettelijk een grote hoeveelheid heroïne (ongeveer 6372 gram) heeft gekocht, vervoerd en/of in bezit heeft gehad. In eerste aanleg werd hij veroordeeld tot 40 maanden gevangenisstraf met aftrek van voorarrest.
Tegen dit vonnis stelde de verdachte hoger beroep in. Het hof constateerde een schending van de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro, omdat het dossier pas na zes maanden na het instellen van het hoger beroep werd ontvangen. Desondanks vond het hof, mede gelet op de voortvarende behandeling van het hoger beroep, geen aanleiding tot strafvermindering.
Daarnaast oordeelde het hof dat de regeling voorwaardelijke invrijheidstelling (VI-regeling) niet van toepassing was op de verdachte, omdat hij noch de Nederlandse nationaliteit bezit, noch een Franse verblijfsvergunning. Dit werd meegenomen in de strafoplegging.
Het hof bevestigde het vonnis van de rechtbank Dordrecht van 22 december 2011, waarbij de onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 40 maanden werd gehandhaafd met aftrek van voorarrest. De behandeling in hoger beroep bracht geen nieuwe overwegingen die tot een andere beslissing leidden.
Uitkomst: Bevestiging gevangenisstraf van 40 maanden met aftrek van voorarrest voor handel en vervoer van heroïne.