ECLI:NL:GHDHA:2013:BZ6189
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging navorderingsaanslag en boete wegens niet-naleving administratieplicht incassobureau
Belanghebbende, eigenaar van een incassobureau sinds 2006, kreeg een navorderingsaanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen opgelegd over 2007, met een boete van 50%. De Inspecteur handhaafde deze aanslag en boete na bezwaar. De rechtbank had het beroep van belanghebbende gegrond verklaard en de aanslag en boete verminderd.
In hoger beroep oordeelt het Hof dat belanghebbende als administratieplichtige zijn administratieplicht bewust niet is nagekomen. De bankstortingen zijn terecht als omzet aangemerkt, omdat belanghebbende onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat het om rente en aflossingen van leningen ging. De navorderingsaanslag is gebaseerd op een redelijke schatting, waarbij correctie is toegepast voor omzetbelasting.
Het Hof bevestigt dat de boete van 50% passend en geboden is vanwege het opzettelijk niet naleven van de administratieplicht en de ernst van het vergrijp. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de navorderingsaanslag en boete van 50% wegens niet-naleving van de administratieplicht.