ECLI:NL:GHDHA:2013:BZ5729
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- U.E. Tromp
- J.T. Sanders
- W.M.G. Visser
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen naheffingsaanslagen omzetbelasting met vernietiging en proceskostenvergoeding
Belanghebbende was het niet eens met naheffingsaanslagen omzetbelasting over de perioden juli 2006 tot maart 2008 en oktober tot december 2007. De Inspecteur handhaafde de aanslagen bij bezwaar, waarna belanghebbende beroep instelde bij de rechtbank. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep bij het Gerechtshof Den Haag erkende de Inspecteur dat de rechtbank een onjuiste rechtsopvatting had bij de uitleg van het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie in de zaak VNLTO (HvJ EU 12 februari 2009, C-515/07).
Partijen kwamen overeen dat het zakelijke gebruik van de onroerende zaak werd vastgesteld op 20 procent, waardoor de naheffingsaanslagen konden worden vernietigd. Belanghebbende trok haar verzoek om integrale proceskostenvergoeding in. Het Hof veroordeelde de Inspecteur alsnog tot vergoeding van de door belanghebbende gemaakte proceskosten en tot vergoeding van de betaalde griffierechten.
De uitspraak van de rechtbank, de uitspraken op bezwaar en de naheffingsaanslagen werden vernietigd. Het Hof stelde de proceskosten vast op € 2.968,50 en de griffierechten op € 748. De beslissing werd op 11 januari 2013 in het openbaar uitgesproken door het Gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: Het Gerechtshof vernietigt de naheffingsaanslagen omzetbelasting en veroordeelt de Inspecteur tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan belanghebbende.