Uitspraak
Gerechtshof Den Haag
Arrest
[verdachte],
hij, werkzaam als judoleraar en/of als begeleider van de judoselectiegroep en/of als coach en/of als eigenaar van (een) sportschool ([sportschool]), in of omstreeks de periode van [geboortejaar] 2002 tot en met 12 mei 2008 te Rotterdam en/of Baarn, althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal, met iemand, die zich als judoleerling en/of werknemer aan zijn hulp en/of zorg en/of opleiding en/of waakzaamheid had toevertrouwd, te weten met [benadeelde partij 2] (geboren op [geboortejaar] 1990) ontucht heeft gepleegd, namelijk het meermalen, althans eenmaal,
hij, werkzaam als judoleraar en/of als begeleider van de judoselectiegroep en/of als coach en/of als eigenaar van (een) sportschool ([sportschool]), in of omstreeks de periode van [geboortejaar] 2001 tot en met [geboortejaar] 2005 te Rotterdam, althans in Nederland, en/of Frankrijk en/of Spanje, meermalen, althans eenmaal, met iemand, die zich als judoleerling en/of werknemer aan zijn hulp en/of zorg en/of opleiding en/of waakzaamheid had toevertrouwd, te weten met [benadeelde partij 3] (geboren [geboortejaar] 1987)
hij, in of omstreeks de periode van 01 maart 2002 tot en met 01 juni 2009 te Rotterdam, althans in Nederland, en/of Bremen, althans in Duitsland, en/of Venetië, althans in Italië, meermalen, althans eenmaal, door geweld en/of (een) andere feitelijkhe(i)d(en) en/of door bedreiging met geweld en/of door bedreiging met (een) andere feitelijkhe(i)d(en) iemand, te weten [benadeelde partij 4], heeft gedwongen tot het plegen en/of dulden van een of meer ontuchtige handeling(en), namelijk het:
hij, in of omstreeks de periode van [geboortejaar] 1994 tot en met 29 oktober 1998 te Rotterdam en/of Oosterhout, in elk geval in Nederland, en/of Spanje en/of Frankrijk en/of Italië en/of België en/of Berlijn (Duitsland) en/of Londen (Groot-Brittanië), meermalen, althans eenmaal, (telkens) met iemand die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, te weten met [benadeelde partij 5] (geboren op [geboortejaar] 1982), (telkens) buiten echt ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die bestond(en) uit of mede bestond(en) uit het seksueel binnendringen van het lichaam, namelijk het meermalen, althans eenmaal,
hij, werkzaam als judoleraar en/of als begeleider van de judoselectiegroep en/of als eigenaar van (een) sportschool ([sportschool]), in of omstreeks de periode van [geboortejaar] 1990 tot en met 29 oktober 2000 te Rotterdam en/of Oosterhout, in elk geval in Nederland, en/of Spanje en/of Frankrijk en/of Italië en/of België en/of Berlijn (Duitsland) en/of Londen (Groot-Brittanië), meermalen, althans eenmaal, (telkens) met iemand, die zich als judoleerling en/of werknemer aan zijn hulp en/of zorg en/of opleiding en/of waakzaamheid had toevertrouwd, te weten met [benadeelde partij 5] (geboren [geboortejaar] 1982) ontucht heeft gepleegd, namelijk het meermalen, althans eenmaal,
daardoorgedwongen was de betreffende gedragingen te ondergaan, dan wel dat hij
daardoorgeen weerstand aan die gedragingen kon bieden.
daardoorgedwongen was de betreffende gedragingen te ondergaan, dan wel dat hij
daardoorgeen weerstand aan die gedragingen kon bieden.
binnendringenvan het lichaam, is het onder 6 tenlastegelegde feit niet te kwalificeren als het seksueel binnendringen van het lichaam bij iemand beneden de zestien jaar. Gelet hierop zal het hof, hoewel het onderliggende strafdossier naar zijn oordeel voldoende wettig en overtuigend bewijs bevat voor deze ten laste gelegd handelingen, overeenkomstig het standpunt van de advocaat-generaal en de raadsman, de verdachte vrijspreken van het hem onder 6 ten laste gelegde.
hij, werkzaam als judoleraar en/of als begeleider van de judoselectiegroep en/of als coach en/of als eigenaar van (een) sportschool ([sportschool]), in de periode van [geboortejaar] 2002 tot en met 12 mei 2008 in Nederland, meermalen, met iemand, die zich als judoleerling en/of werknemer aan zijn zorg en/of opleiding en/of waakzaamheid had toevertrouwd, te weten met [benadeelde partij 2] (geboren op [geboortejaar] 1990) ontucht heeft gepleegd, namelijk het meermalen,
hij, werkzaam als judoleraar en/of als begeleider van de judoselectiegroep en/of als coach en/of als eigenaar van (een) sportschool ([sportschool]), in de periode van 17 januari 2001 tot en met 17 januari 2005 in Nederland, met iemand, die zich als judoleerling en/of werknemer aan zijn zorg en/of opleiding en/of waakzaamheid had toevertrouwd, te weten met [benadeelde partij 3] (geboren [geboortejaar] 1987)
hij, werkzaam als judoleraar en/of als begeleider van de judoselectiegroep en/of als eigenaar van (een) sportschool ([sportschool]), in de periode van [geboortejaar]
1994tot en met 29 oktober 2000 in Nederland, meermalen, (telkens) met iemand, die zich als judoleerling en/of werknemer aan zijn zorg en/of opleiding en/of waakzaamheid had toevertrouwd, te weten met [benadeelde partij 5] (geboren [geboortejaar] 1982) ontucht heeft gepleegd, namelijk het meermalen,
Het onder 1 bewezen verklaarde levert op:
2 primair, 3 primair, 4 primair en 7 primairbewezen verklaarde levert op:
- een rapport Pro Justitia psychiatrisch onderzoek d.d. 17 februari 2012, opgemaakt door P.K.J. Ronhaar, psychiater;
- een rapport Pro Justitia psychologisch onderzoek d.d. 15 februari 2012, opgemaakt door drs. T. ’t Hoen, psycholoog;
- een Reclasseringsadvies van het Leger des Heils Jeugdzorg en Reclassering d.d. 30 maart 2012, opgemaakt door R. van den Brink, reclasseringswerker.
BESLISSING
openbaar ministerie niet-ontvankelijkin de strafvervolging ten aanzien van het onder 1, 2, 3, 4, 6 en 7 tenlastegelegde handelingen voor zover het de handelingen betreft die zijn begaan buiten Nederland vóór 1 oktober 2002.
openbaar ministerie niet-ontvankelijkin de strafvervolging ten aanzien van het onder 5 en het op de parallelle dagvaarding tenlastegelegde voor zover het de handelingen betreft die zijn begaan buiten Nederland.
onder 5, 6 en het op de parallelle dagvaarding vermelde primair en subsidiairten laste gelegde heeft begaan en
spreekt de verdachte daarvan vrij.
onder 1, 2 primair, 3 primair, 4 primair en 7 primairten laste gelegde heeft begaan.
gevangenisstrafvoor de duur van
36 (zesendertig) maanden.
12 (twaalf) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
5 (vijf) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt of ten behoeve van vaststelling identiteit geen medewerking heeft verleend aan het nemen van vingerafdrukken of geen identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 Wet Pro op de identificatieplicht ter inzage heeft aangeboden of geen medewerking heeft verleend aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen, dan wel de hierna te noemen bijzondere voorwaarde(n) niet heeft nageleefd.
Stelt als bijzondere voorwaarden dat:
voorschriften en aanwijzingenhem te geven door of namens
het Leger des Heils, afdeling reclassering te Rotterdam, zolang die instelling zulks nodig acht en ook als dat inhoudt het
volgen van de training zedendelinquenten middels een ambulante behandeling bij een forensische polikliniek;
geen beroep zal uitoefenen, betaald of vrijwillig, waarbij contact is met jongeren tussen de twaalf en achttien jaar oud.
hulp en steunte verlenen.
dadelijke uitvoerbaarheidvan de hierboven bepaalde bijzondere voorwaarden.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 1]
€ 7.000,- (zevenduizend euro) bestaande uit € 2.000,- (tweeduizend euro) aan materiële schade en € 5.000,- (vijfduizend euro) aan immateriële schadeen veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
overige niet-ontvankelijken bepaalt dat zij in zoverre haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.
70 (zeventig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 2]
overige niet-ontvankelijken bepaalt dat zij in zoverre haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.
40 (veertig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 4]
niet-ontvankelijk.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 5]
overige niet-ontvankelijken bepaalt dat zij in zoverre haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.
40 (veertig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.