Uitspraak
Gerechtshof Den Haag
Arrest
[verdachte],
hij op of omstreeks 10 augustus 2007 te Spijkenisse ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk en met voorbedachte rade, althans opzettelijk, een of meer perso(o)n(en) (onder meer) genaamd [benadeelde partij 1] en/of [benadeelde partij 2] en/of [benadeelde partij 3] en/of [benadeelde partij 4] en/of [benadeelde partij 5] en/of [benadeelde partij 6] van het leven te beroven tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met dat opzet en na kalm beraad en rustig overleg, althans met dat opzet, met een of meer vuurwapen(s) op, althans in de richting van, voornoemde personen één of meer kogel(s) heeft afgevuurd, zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid.
hij op 10 augustus 2007 te Spijkenisse ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander, opzettelijk, personen (onder meer) genaamd [benadeelde partij 1] en [benadeelde partij 3] en [benadeelde partij 4] en [benadeelde partij 6] van het leven te beroven tezamen en in vereniging met een ander met dat opzet, met vuurwapens op, althans in de richting van, voornoemde personen kogels heeft afgevuurd, zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid.
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
206 (tweehonderdzes) weken.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 6]
€ 2.000,00 (tweeduizend euro) ter zake van immateriële schadeen veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
wettelijke rente vanaf 10 augustus 2007tot aan de dag der algehele voldoening.
€ 2.000,00 (tweeduizend euro) als vergoeding voor immateriële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
30 (dertig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.
wettelijke rente vanaf 10 augustus 2007tot aan de dag der algehele voldoening.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 3]
€ 2.000,00 (tweeduizend euro) ter zake van immateriële schadeen veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.
€ 2.000,00 (tweeduizend euro) als vergoeding voor immateriële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door
30 (dertig) dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.