ECLI:NL:GHARN:2012:BW4397
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens overtreding meldplicht Rijnvaartpolitiereglement door schipper motorvrachtschip
De verdachte, schipper en mede-eigenaar van een motorvrachtschip langer dan 110 meter, werd beschuldigd van het niet voldoen aan de meldplicht bij het binnenvaren van bepaalde riviergedeelten en het passeren van verkeersposten op de rivier de Waal in 2008. De meldplicht houdt in dat specifieke gegevens over het schip en de lading via het marifoonkanaal moeten worden doorgegeven.
De verdediging voerde bewijsverweren aan, waaronder onduidelijkheid over wie op het moment van binnenvaren de dienstdoende schipper was, onrechtmatigheid van het bewijs wegens schending van het Privacyreglement en betoogde dat de meldplicht niet op het schip van toepassing was. Het hof verwierp deze verweren, stellende dat zowel verdachte als zijn zoon als schippers verantwoordelijk waren en dat de verkeersleiders, tevens buitengewoon opsporingsambtenaren, bevoegd waren de gegevens te gebruiken.
Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte op meerdere momenten niet aan de meldplicht had voldaan. De overtreding werd gekwalificeerd als meervoudige overtreding van artikel 12.01 van het Rijnvaartpolitiereglement 1995. De opgelegde straf bestond uit een geldboete van € 800, waarvan € 400 voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.
Verder oordeelde het hof dat ondanks de vertraging in de procedure geen sprake was van schending van de redelijke termijn. Het vonnis van de kantonrechter werd vernietigd en het hof deed opnieuw recht.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van € 800, waarvan € 400 voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar wegens overtreding van de meldplicht volgens het Rijnvaartpolitiereglement.