ECLI:NL:GHARN:2012:BW3499
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- W.L. Valk
- Th.C.M. Willemse
- F.J.P. Lock
- L.L.M. de Lorijn
- H.B.M. Duenk
- Rechtspraak.nl
Ontbinding pachtovereenkomst afgewezen; boete wegens tijdelijke niet-bewoning opgelegd
In deze civiele zaak tussen appellant en geïntimeerde staat een pachtovereenkomst centraal waarbij de pachter verplicht is het gepachte zelf te bewonen en te gebruiken. De pachter heeft de woning enkele maanden verlaten, wat een tekortkoming oplevert en leidt tot een boete van €4.537,80. Het hof oordeelt dat deze boete terecht is en ziet geen grond voor matiging.
Appellant vordert daarnaast ontbinding van de pachtovereenkomst vanwege meerdere tekortkomingen, waaronder het afsluiten van een beheersovereenkomst zonder toestemming, verslechtering van het gepachte en het niet uitvoeren van gebruikelijke werkzaamheden. Het hof vindt echter onvoldoende bewijs voor deze stellingen en wijst de ontbindingsvordering af.
Het hof benadrukt dat de tijdelijke niet-bewoning gezien de omstandigheden geen reden is voor ontbinding, mede omdat de pachter het gepachte niet onbeheerd heeft achtergelaten en de exploitatie voortzette. De overige vorderingen worden afgewezen en de proceskosten worden gecompenseerd. Het arrest vernietigt eerdere vonnissen voor zover de boete niet was toegewezen en veroordeelt geïntimeerde tot betaling van de boete.
Uitkomst: De pachter is veroordeeld tot betaling van een boete wegens tijdelijke niet-bewoning, maar de ontbinding van de pachtovereenkomst is afgewezen.