ECLI:NL:GHARN:2012:BV8330
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- R.A.V. Boxem
- J.P.M. Kooijmans
- S.C.W. Douma
- Rechtspraak.nl
Vaststelling WOZ-waarde woning per 1 januari 2009 in hoger beroep
Belanghebbende, eigenaar van een appartement in een nieuwbouwwijk, betwistte de door de gemeente vastgestelde WOZ-waarde van €373.000 per 1 januari 2009. Na een uitspraak van de rechtbank die het beroep ongegrond verklaarde, stelde belanghebbende hoger beroep in bij het Gerechtshof Arnhem.
Het Hof onderzocht de taxatierapporten van beide partijen. De gemeente baseerde zich op een taxatierapport dat de waarde per m³ als uitgangspunt nam, maar het Hof constateerde inconsistenties en onvoldoende onderbouwing, onder meer door het negeren van de waarde van een groot dakterras bij een vergelijkingsobject. Belanghebbende verwees naar een taxatierapport waarin rekening werd gehouden met de aankoopprijs in 2006 en de nog niet gerealiseerde nieuwbouwfasen, maar dit rapport werd verworpen vanwege het gebruik van een verkoop onder curatorbewind die niet als marktconform werd beschouwd.
Omdat geen van beide partijen de waarde aannemelijk kon maken, stelde het Hof de WOZ-waarde in goede justitie vast op €347.000. Daarnaast wees het Hof de proceskosten toe aan belanghebbende en veroordeelde de gemeente tot vergoeding van griffierechten. Het Hof behandelde de klacht over het horen in de bezwaarfase niet inhoudelijk, omdat dit geen gunstiger resultaat zou opleveren.
De uitspraak werd gedaan door mr. R.A.V. Boxem, voorzitter, mr. J.P.M. Kooijmans en mr. S.C.W. Douma en op 28 februari 2012 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de woning wordt vastgesteld op €347.000 per 1 januari 2009 en de gemeente wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.