ECLI:NL:GHARN:2012:BV6716
Gerechtshof Arnhem
- Raadkamer
- P. van Kesteren
- J.H.C. van Ginhoven
- A.W.M. Elders
- Rechtspraak.nl
Bevestiging voorlopige hechtenis wegens georganiseerde drugshandel ondanks onwenselijk lange duur hoger beroep
Het gerechtshof Arnhem heeft op 22 februari 2012 uitspraak gedaan in het hoger beroep tegen de beslissing van de rechtbank Almelo van 7 december 2011, waarin het verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis van verdachte was afgewezen.
De raadsman van verdachte voerde aan dat de voorlopige hechtenis opgeheven moest worden vanwege de lange periode tussen het instellen van het hoger beroep op 8 december 2011 en de behandeling daarvan op 22 februari 2012. Het hof constateerde dat deze vertraging het gevolg was van ambtelijke misslagen en daarmee onwenselijk lang was, wat een vormverzuim opleverde.
Desondanks oordeelde het hof dat de ernst van de ten laste gelegde feiten – georganiseerde handel in hard- en softdrugs over meerdere jaren – zwaarwegend is. De maatschappelijke belangen bij voortzetting van de voorlopige hechtenis prevaleren, temeer daar de gronden voor de hechtenis nog steeds aanwezig zijn en er geen ernstige kans is dat verdachte bij veroordeling geen onvoorwaardelijke vrijheidsstraf krijgt of langer vast blijft dan de strafduur.
Het hof bevestigde daarom de beslissing van de rechtbank en handhaafde de voorlopige hechtenis, met inachtneming van de artikelen 67a en 69 e.v. van het Wetboek van Strafvordering.
Uitkomst: Het hof bevestigt de voorlopige hechtenis van verdachte ondanks de onwenselijk lange duur van het hoger beroep.