ECLI:NL:GHARN:2012:1620

Gerechtshof Arnhem

Datum uitspraak
26 maart 2012
Publicatiedatum
30 april 2013
Zaaknummer
21-002917-09
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Ontslag van rechtsvervolging
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 16 Sv
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Schorsing vervolging wegens ernstige cognitieve stoornissen verdachte

In deze strafzaak heeft het gerechtshof Arnhem het hoger beroep behandeld tegen een vonnis van de rechtbank Almelo. Uit een psychiatrisch rapport van 11 november 2011 blijkt dat verdachte lijdt aan ernstig cognitief verval en forse dementeringsverschijnselen. Zijn korte en lange termijn geheugen zijn fors aangetast en hij is gedesoriënteerd in tijd, plaats en persoon.

Het hof heeft vastgesteld dat verdachte vanwege deze ernstige gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke stoornis van zijn geestvermogens niet in staat is de strekking van de tegen hem ingestelde vervolging te begrijpen. Daarom heeft het hof besloten de vervolging te schorsen op grond van artikel 16 van Pro het Wetboek van Strafvordering.

De uitspraak werd gedaan na meerdere terechtzittingen en na kennisname van de vordering van de advocaat-generaal en de verdediging. De schorsing betekent dat de strafzaak voorlopig niet wordt voortgezet zolang de stoornis voortduurt.

Uitkomst: De vervolging van verdachte is geschorst vanwege ernstige dementie en cognitieve stoornissen.

Uitspraak

Sector strafrecht
Parketnummer: 21-002917-09
Uitspraak d.d.: 26 maart 2012
TEGENSPRAAK

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Almelo van 10 juli 2009 in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1954,
wonende te [woonplaats] .

Het hoger beroep

De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van het hof van 29 september 2010, 31 maart 2011 en 12 maart 2012 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van Pro het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd (zie voor de inhoud van de vordering bijlage I).
Het hof heeft voorts kennis genomen van hetgeen namens verdachte door zijn raadsman, mr J. Ruarus, naar voren is gebracht.

Schorsing van de vervolging

Uit een pro justitia rapportage (psychiatrisch onderzoek) betreffende verdachte, gedateerd 11 november 2011, blijkt dat bij verdachte sprake is van ernstig cognitief verval en forse dementeringsverschijnselen. Voorts blijkt uit dat rapport dat zowel het korte als lange termijn geheugen van verdachte fors is aangetast en hij gedesoriënteerd is in tijd, plaats en persoon.
Op basis van het vorenstaande, stelt het hof vast dat verdachte lijdt aan een zodanige gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke stoornis van zijn geestvermogens, dat hij niet in staat is de strekking van de tegen hem ingestelde vervolging te begrijpen. Het hof zal dan ook de vervolging schorsen.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Het hof heeft gelet op artikel 16 van Pro het Wetboek van Strafvordering.

BESLISSING

Het hof:
Schorst de vervolging van de verdachte.
Aldus gewezen door
mr A.G. Coumans, voorzitter,
mr P.R. Wery en mr P.H.A.J. Cremers, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr L. Gereke, griffier,
en op 26 maart 2012 ter openbare terechtzitting uitgesproken.