ECLI:NL:GHARN:2011:BV0755
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging arbeidsovereenkomst met wederzijds goedvinden en instemming werknemer
De werknemer, financieel directeur bij Raedthuys Groep B.V., werd geconfronteerd met kritiek op zijn functioneren binnen de directie. Na diverse gesprekken en het opstellen van een afdelingsplan, werd op 1 juli 2008 overeengekomen dat de arbeidsovereenkomst uiterlijk per 1 november 2008 zou eindigen, met wederzijds goedvinden.
De werknemer voerde in hoger beroep meerdere grieven aan, waaronder dat hij niet duidelijk was geïnformeerd over de gevolgen van beëindiging en dat sprake was van dwaling of misbruik van omstandigheden. Het hof oordeelde dat de werknemer duidelijk en ondubbelzinnig heeft ingestemd met de beëindiging en dat de werkgever niet verplicht was te onderzoeken of de werknemer daadwerkelijk wilde vertrekken of hem te informeren over de gevolgen.
Het hof verwierp tevens het beroep op eenzijdige beëindiging door de werkgever en het recht op schadeloosstelling. De grieven werden als onvoldoende gemotiveerd en niet onderbouwd beoordeeld. Het hof bekrachtigde de vonnissen van de kantonrechter en veroordeelde de werknemer in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst is rechtsgeldig met wederzijds goedvinden beëindigd en de grieven van de werknemer worden afgewezen.