ECLI:NL:GHARN:2011:BT7379
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen opzettelijk gebruik vals geschrift tot werkstraf en voorwaardelijke gevangenisstraf
Verdachte werd in hoger beroep vervolgd wegens het medeplegen van het opzettelijk gebruik van vals geschrift, namelijk valse loonstroken die werden gebruikt om kredieten te verkrijgen. De verdediging stelde dat sprake was van persoonsverwisseling, maar dit werd door het hof verworpen op basis van getuigenverklaringen, fotoconfrontaties en andere bewijsmiddelen.
Het hof oordeelde dat verdachte samen met anderen valse loonstroken had overgelegd en gebruikt als ware deze echt en onvervalst, met het oogmerk om kredieten te verkrijgen. De primaire tenlastelegging werd niet bewezen geacht, maar het subsidiaire tenlastegelegde wel. De verdediging voerde aan dat een bestanddeel van artikel 225 Sr Pro ontbrak, maar dit verweer werd verworpen.
Vanwege overschrijding van de redelijke termijn werd de werkstraf verminderd van 180 naar 160 uur. Verdachte werd veroordeeld tot een werkstraf van 160 uur, een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden met een proeftijd van 2 jaar, en vrijgesproken van het primair tenlastegelegde. De straf is passend geacht gelet op de ernst van de feiten, de persoon van verdachte en het feit dat hij geen verantwoordelijkheid nam voor zijn handelen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een werkstraf van 160 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden met een proeftijd van 2 jaar.