ECLI:NL:GHARN:2011:BR5483
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vaststelling nihilwaarde bosperceel als bedrijfsmatig geëxploiteerde cultuurgrond voor WOZ
Belanghebbende is eigenaar van een bosperceel dat door de gemeente is gewaardeerd voor de WOZ en waarover een aanslag onroerende-zaakbelasting is opgelegd. Belanghebbende maakte bezwaar en kwam in beroep tegen de afwijzing van dat bezwaar. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna belanghebbende hoger beroep instelde bij het Gerechtshof Arnhem.
Het geschil betreft de vraag of het bosperceel bedrijfsmatig wordt geëxploiteerd als cultuurgrond ten behoeve van bosbouw, waardoor de waarde buiten aanmerking moet blijven bij de WOZ-waardering. Belanghebbende overlegt exploitatieoverzichten, facturen en een schrift met werkzaamheden die de bedrijfsmatige exploitatie onderbouwen. De ambtenaar betwist dit.
Het hof oordeelt op basis van de overgelegde stukken en de mondelinge toelichting dat sprake is van een bosbedrijf met duurzame organisatie van arbeid en kapitaal gericht op winst. Het niet schriftelijk bijhouden van werkzaamheden op het kleinere perceel doet hieraan niet af. Daarom wordt de WOZ-waarde verminderd tot nihil en wordt de aanslag onroerende-zaakbelasting vernietigd. Tevens worden proceskosten aan belanghebbende toegekend.
Uitkomst: De WOZ-waarde van het bosperceel wordt vastgesteld op nihil en de aanslag onroerende-zaakbelasting wordt vernietigd wegens bedrijfsmatige exploitatie.