ECLI:NL:GHARN:2011:BR4059
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- P.L.R. Wefers Bettink
- G.P.M. van den Dungen
- M.J.F.N. van Osch
- Rechtspraak.nl
Vergoeding niet-genoten vakantiedagen, seniorendagen en atv-dagen na op non-actief stelling
Deze civiele zaak betreft de vordering van appellant tegen BAM Utiliteitsbouw B.V. tot uitbetaling van niet-genoten vakantiedagen, seniorendagen en atv-dagen, deels opgebouwd tijdens een periode van op non-actief stelling met behoud van loon.
De kantonrechter wees een deel van de vordering toe, maar wees de meeste aanspraken af, met name de uitbetaling van atv-dagen en de wettelijke verhoging over een bedrag aan te veel ingehouden leaseautobijdragen. Appellant ging tegen dit vonnis in hoger beroep en stelde vier grieven in.
Het hof verwierp het verweer van BAM dat tijdens op non-actief stelling geen aanspraak op vakantiedagenvergoeding zou bestaan, verwijzend naar vaste jurisprudentie dat vakantieaanspraken doorlopen. De vordering tot uitbetaling van atv-dagen werd echter afgewezen, omdat de CAO geen recht op betaling van niet-genoten atv-dagen bij beëindiging van het dienstverband voorziet, tenzij bij beëindiging op verzoek van de werknemer of om dringende reden.
Het hof stelde het aantal niet-genoten vakantiedagen en seniorendagen vast op circa 207 dagen, waar nog 49 dagen collectieve sluiting in mindering moesten worden gebracht. Het hof nodigde partijen uit tot een comparitie om te bezien of een minnelijke regeling mogelijk was, waarbij ook de kwestie van de wettelijke verhoging over de leaseautobijdrage aan de orde zou komen.
Het arrest werd gewezen door drie raadsheren en bevat een gedetailleerde motivering over de toepassing van de CAO en het Burgerlijk Wetboek op de aanspraken van de werknemer na op non-actief stelling.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering tot uitbetaling van vakantiedagen en seniorendagen toe en nodigt partijen uit tot een comparitie voor minnelijke regeling.