ECLI:NL:GHARN:2011:BQ7295
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Meijer-Campfens
- Koolschijn
- Slijper-Kuijper
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tot veroordeling voor diefstal van een fiets met voorwaardelijke gevangenisstraf
Verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld voor diefstal van een fiets. In hoger beroep stelde verdachte dat het oogmerk om zich de fiets toe te eigenen ontbrak, maar dit verweer werd door het hof verworpen. Het hof oordeelde dat het wegnemen van de fiets uit een openstaande schuur en het zenuwachtig weglopen met de fiets voldoende bewijs vormde voor het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening.
De verklaring van verdachte dat hij de fiets slechts tijdelijk wilde lenen, achtte het hof ongeloofwaardig, mede gelet op de verklaring van de aangever die verdachte zag wegrennen en zich verstoppen. Het hof verklaarde bewezen dat verdachte op 29 augustus 2010 in de gemeente een fiets heeft weggenomen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening.
Verdachte was niet eerder veroordeeld en het hof hield rekening met de omstandigheden waaronder het feit was gepleegd en de persoon van verdachte. Daarom werd een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 weken opgelegd met een proeftijd van 2 jaar. De raadsvrouw had verzocht om toepassing van artikel 9a Sr vanwege de lange duur van vreemdelingenbewaring, maar het hof stelde dat vreemdelingenbewaring geen strafrechtelijke sanctie is.
Het vonnis van de politierechter werd vernietigd en het hof deed opnieuw recht met de hierboven genoemde strafoplegging. De tijd die verdachte in voorarrest had doorgebracht, werd in mindering gebracht op de straf.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 weken met een proeftijd van 2 jaar wegens diefstal van een fiets.