ECLI:NL:GHARN:2011:BP2295
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging dat belanghebbende onderneming niet is gestaakt en geen startersfaciliteit toekomt
Belanghebbende startte in 1990 een onderneming als automatenspecialist en bleef tot en met 2007 actief met exploitatie van speelautomaten. Hij voerde aan dat hij vanaf 1999, en zeker in 2003, niet langer als ondernemer kon worden aangemerkt vanwege geringe omvang en slechts één plaatsingsadres.
De Inspecteur stelde dat belanghebbende wel ondernemer was en wees de aanslag inkomstenbelasting 2004 inclusief heffingsrente toe. De Rechtbank Arnhem verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond. Belanghebbende ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
Het Hof oordeelde dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij zijn onderneming had gestaakt. Hij bleef investeren, behaalde positieve opbrengsten en had geen intentie om vermogensbestanddelen over te dragen aan privévermogen. Daarom bevestigde het Hof de uitspraak van de Rechtbank en verwierp het hoger beroep.
Ook het beroep tegen de heffingsrente werd ongegrond verklaard omdat belanghebbende geen zelfstandige gronden had aangevoerd. Het Hof veroordeelde geen van beide partijen in de proceskosten. De uitspraak werd op 18 januari 2011 openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt dat belanghebbende zijn onderneming niet heeft gestaakt en wijst het hoger beroep af.