ECLI:NL:GHARN:2010:BO9267
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- G.M. Meijer-Campfens
- K.J. van Dijk
- K. Lahuis
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor niet tijdig identificeren en registreren van runderen
Verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld voor het niet tijdig voorzien van vier kalveren van oormerken en het niet registreren van deze dieren in het gecomputeriseerde gegevensbestand, in strijd met de Regeling identificatie en registratie van dieren.
In hoger beroep heeft het hof het vonnis van de politierechter vernietigd en opnieuw recht gedaan. Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte opzettelijk de kalveren niet binnen drie werkdagen na geboorte had voorzien van oormerken en niet tijdig had geregistreerd. Verdachte was bekend met de wettelijke verplichtingen maar handelde desalniettemin in strijd met de regeling.
Het hof hield rekening met de aard en ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder deze waren gepleegd en de persoon van verdachte. Gezien de beperkte financiële draagkracht van verdachte legde het hof een geldboete van €1.700,- op, waarvan €1.200,- voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. De voorwaardelijke straf dient als stok achter de deur om herhaling te voorkomen.
Het hof verwierp het verzoek van de raadsman om verdachte schuldig te verklaren zonder strafoplegging. Tevens werd een vervangende hechtenis van 27 dagen bevolen indien de boete niet wordt voldaan. Het arrest werd gewezen door het hof te Arnhem op 29 december 2010.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van €1.700,- waarvan €1.200,- voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar wegens het niet tijdig identificeren en registreren van vier runderen.