ECLI:NL:GHARN:2010:BO5188
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsaneringsregeling wegens niet aanpassen levensstandaard aan financiële tegenslagen
X en Y, gehuwd en woonachtig te een woonplaats, waren toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling na financiële problemen met betrekking tot de bouw van een woning. De aannemer, belanghebbende, verzocht om beëindiging van deze regeling wegens onbetaalde facturen.
De rechtbank Almelo beëindigde de regeling tussentijds omdat X en Y ondanks hun financiële tegenslagen hun levensstandaard niet hadden aangepast; zij hielden kostbare zaken aan, waaronder twee auto's en een laptop, terwijl zij aanzienlijke schulden hadden bij de aannemer. Tevens was onvoldoende aannemelijk gemaakt dat zij te goeder trouw waren met betrekking tot het ontstaan en onbetaald laten van hun schulden.
X en Y gingen in hoger beroep tegen deze beslissing en voerden aan dat de uitgaven noodzakelijk waren voor het bewoonbaar maken van het pand en het genereren van opbrengsten voor schuldeisers. Het hof oordeelde echter dat de verwachtingen omtrent verkoopopbrengsten en investeringen onvoldoende zeker waren en dat X en Y hun uitgaven hadden moeten beperken om het risico van onbetaald blijven van schulden te vermijden.
Het hof bevestigde het vonnis van de rechtbank en oordeelde dat de schuldsaneringsregeling terecht was beëindigd op grond van het ontbreken van goede trouw. De regeling blijft derhalve niet van toepassing en X en Y zullen in faillissement verkeren.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling wegens het niet aanpassen van de levensstandaard en onvoldoende goede trouw.