ECLI:NL:GHARN:2010:BN2817
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- W.L. Valk
- G.P.M. van den Dungen
- Th.C.M. Willemse
- J.A. Jansens van Gellicum
- H.B.M. Duenk
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging ontbinding pachtovereenkomst en veroordeling tot ontruiming en schadevergoeding melkquotum
In deze civiele zaak stond de ontbinding van een pachtovereenkomst centraal, waarbij appellant en zijn zoon als pachters waren betrokken. De vader (appellant) was medepachter geworden en had samen met zijn zoon een samenwerkingsverband waarin het gepachte was ingebracht met toestemming van de verpachter. Door betalingsachterstanden en het zonder medeweten verkopen van het melkquotum ontstond een geschil met de verpachter, die de pachtovereenkomst liet ontbinden en betaling van een schadevergoeding vorderde.
In eerste aanleg werd de pachtovereenkomst ontbonden en werden appellant en zijn zoon veroordeeld tot ontruiming van het gepachte en betaling van €192.605,00 ter zake het melkquotum. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij geen pachter meer was en daarom ten onrechte werd veroordeeld. Het hof verwierp dit standpunt omdat appellant nooit ontslag uit de medepacht had gevorderd en onvoldoende had onderbouwd dat de verpachter hiermee had ingestemd.
Het hof stelde vast dat appellant ook na 1996 nog steeds betrokken was bij het bedrijf en dat de stichting met hem contact had gehouden. De stellingen van appellant dat hij geen medepachter meer wilde zijn en dat de stichting daarvan op de hoogte was, werden onvoldoende onderbouwd. Ook het verweer tegen de hoogte van de schadevergoeding faalde omdat appellant geen COS-gegevens had overgelegd ter betwisting.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de pachtkamer en veroordeelde appellant in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de ontbinding van de pachtovereenkomst en veroordeelt appellant tot ontruiming en betaling van schadevergoeding melkquotum.