ECLI:NL:GHARN:2010:BM3217
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- B.P.J.A.M. van der Pol
- P.A.H. Lemaire
- J.A.W. Lensing
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens overtreding Wet herstructurering varkenshouderij met medeplegen en voorwaardelijk opzet
De zaak betreft een strafrechtelijke procedure tegen verdachte wegens het houden van meer varkens dan toegestaan volgens de Wet herstructurering varkenshouderij (Whv) binnen een samenwerkingsverband van akkerbouwers en varkenshouders. Het hof vernietigt het eerdere vonnis en doet opnieuw recht, waarbij het bewezenverklaarde feit medeplegen van overtreding van artikel 15 Whv Pro betreft, met opzet begaan.
De feiten betreffen een samenwerking waarbij akkerbouwers stallen pachtten op varkenshouderbedrijven en varkens hielden zonder dat daarvoor voldoende varkensrechten aanwezig waren. Het hof oordeelt dat verdachte het aanmerkelijke risico kende dat er geen varkensrechten waren en dit bewust aanvaardde, wat voorwaardelijk opzet oplevert. De verdediging voerde onder meer rechtsdwaling, lex certa en schending van het vertrouwensbeginsel aan, maar deze verweren werden verworpen.
Het hof constateert schending van het recht op een redelijke termijn, wat leidt tot strafvermindering van 10%. De opgelegde straf is een geldboete van 426 euro, te vervangen door acht dagen hechtenis bij niet-betaling. De zaak illustreert de toepassing van milieurechtelijke regelgeving en het belang van kennis van en naleving van complexe wetgeving binnen samenwerkingsverbanden.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van 426 euro, te vervangen door acht dagen hechtenis bij niet-betaling wegens medeplegen overtreding Wet herstructurering varkenshouderij met voorwaardelijk opzet.