ECLI:NL:GHARN:2009:BJ9284
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzoek om vergoeding reiskosten in strafzaak afgewezen behalve reiskosten openbaar vervoer
Verzoeker diende een verzoek in op grond van artikel 591a van het Wetboek van Strafvordering tot vergoeding van kosten gemaakt in een strafzaak die tegen hem was gevoerd. De strafzaak was behandeld door de kantonrechter en in hoger beroep bij het gerechtshof Arnhem, waarbij het arrest onherroepelijk werd zonder oplegging van straf of maatregel.
Verzoeker vorderde een vergoeding van in totaal €48,30, bestaande uit €42,10 aan reiskosten en €6,20 aan parkeerkosten. Het hof heeft de stukken bestudeerd en de advocaat-generaal gehoord, die bezwaren had tegen het volledige bedrag.
Het hof oordeelde dat de reiskosten op basis van openbaar vervoer (laagste klasse) op grond van de Wet tarieven in strafzaken voor vergoeding in aanmerking komen. De parkeerkosten worden niet beschouwd als reis- of verblijfkosten volgens artikel 591a Sv en komen daarom niet voor vergoeding in aanmerking.
Het hof kende daarom een vergoeding van €42,10 toe en wees het overige af. Verzoeker was niet verschenen bij de openbare raadkamer, maar het verzoek was voldoende gemotiveerd. De beschikking werd ondertekend door de voorzitter van het hof.
Uitkomst: Verzoek om vergoeding van reiskosten openbaar vervoer van €42,10 wordt toegekend, parkeerkosten worden afgewezen.