ECLI:NL:GHARN:2009:BJ8163
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- S.H. Wachter
- G.M. Meijer-Campfens
- G.J. Niezink
- Rechtspraak.nl
Vaststelling en ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel na winkeldiefstallen
De veroordeelde is in hoger beroep veroordeeld voor meerdere winkeldiefstallen en deelname aan een criminele organisatie. Het hof heeft het wederrechtelijk verkregen voordeel geschat op €8.000,-, maar na verrekening van toegewezen schadevergoeding van €1.455,21 vastgesteld op €6.544,79.
Het hof vernietigde het eerdere vonnis van de rechtbank Zwolle-Lelystad en deed opnieuw recht. De veroordeelde werd verplicht dit bedrag aan de Staat te betalen ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.
De uitspraak is gebaseerd op artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht. Het hof achtte de schatting van het voordeel voldoende onderbouwd door wettige bewijsmiddelen en constateerde aanwijzingen dat de veroordeelde ook voordeel had uit soortgelijke feiten.
De zaak betreft een arrest van het gerechtshof Arnhem, meervoudige strafkamer, waarbij het hoger beroep werd behandeld tegen het vonnis van 24 maart 2009 van de rechtbank Zwolle-Lelystad.
Uitkomst: Het hof stelde het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op €6.544,79 en legde de betalingsverplichting aan de veroordeelde op.