ECLI:NL:GHARN:2009:BJ6898
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- J.W. Zwemmer
- R. den Ouden
- R.A.V. Boxem
- Rechtspraak.nl
Bevestiging tariefgroepindeling successierecht voor kleinkinderen ongehuwde grootouders
Belanghebbende, een kleinkind van een ongehuwde partner van de overledene, was het niet eens met de toepassing van tariefgroep III in de successierechten, terwijl kleinkinderen van gehuwde grootouders tariefgroep I kunnen toepassen. Na bezwaar en beroep bij de rechtbank, die het beroep ongegrond verklaarde, stelde belanghebbende hoger beroep in bij het Gerechtshof Arnhem.
Het Hof stelde vast dat de wetgever in de Successiewet 1956 de gelijkstelling van ongehuwde partners aan gehuwde partners baseert op het voeren van een gemeenschappelijke huishouding, maar dat deze gelijkstelling niet doorloopt naar bloed- of aanverwanten van de ongehuwde partner. De toepassing van tariefgroep III voor kleinkinderen van ongehuwde grootouders is dan ook niet onrechtmatig of discriminerend.
Belanghebbende voerde aan dat deze regeling in strijd is met artikel 26 IVBPR Pro en artikel 14 EVRM Pro, maar het Hof verwierp dit standpunt. Het Hof concludeerde dat er geen sprake is van verboden discriminatie en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen kostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt dat tariefgroep III voor kleinkinderen van ongehuwde grootouders niet discriminerend is en wijst het hoger beroep af.