ECLI:NL:GHARN:2009:BJ5603
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid Nederlandse rechter bij faillissementsverzoek ondanks inschrijving schuldenaar in Duitsland
In deze zaak heeft Jaya B.V. hoger beroep ingesteld tegen een beschikking van de rechtbank Arnhem die zich onbevoegd verklaarde ten aanzien van haar verzoek tot faillietverklaring van geïntimeerde. De rechtbank had geoordeeld dat het centrum van de voornaamste belangen van geïntimeerde in Duitsland lag, waardoor alleen de Duitse rechter bevoegd zou zijn.
Jaya betwistte dit en stelde dat geïntimeerde nog steeds in Nederland was ingeschreven en dat er geen bewijs was dat zij daadwerkelijk betaalde arbeid in Duitsland zou verrichten. Het hof stelde vast dat geïntimeerde op twee adressen stond ingeschreven, in Nederland en Duitsland, maar dat enkel de inschrijving in Duitsland onvoldoende was om het centrum van de belangen daar te plaatsen.
Het hof concludeerde dat het centrum van de voornaamste belangen van geïntimeerde in Nederland lag en dat de Nederlandse rechter dus bevoegd was. Omdat het hier ging om een onbevoegdverklaring en niet om de inhoudelijke beoordeling van het faillissementsverzoek, wees het hof de zaak terug naar de rechtbank voor verdere afdoening.
Uitkomst: De Nederlandse rechtbank is bevoegd om kennis te nemen van het faillissementsverzoek en de zaak wordt terugverwezen voor verdere afdoening.