ECLI:NL:GHARN:2009:BJ3938
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- C.W.P. van Gelder
- M.A.J.S. de Vries Robbé-de Roy-van Zuydewijn
- J.H. Lieber
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortzetting gesloten jeugdzorg na meerderjarigheid zonder voorafgaande behandeling
In deze civiele zaak stond de voortzetting van gesloten jeugdzorg voor een inmiddels 18-jarige centraal. De verzoekster, die sinds 2005 onder toezicht stond en vanaf 2007 op verschillende locaties was geplaatst, werd na haar 18e verjaardag nog steeds in gesloten jeugdzorg gehouden op grond van een machtiging die was verleend vóór haar meerderjarigheid.
De stichting betoogde dat de behandeling vóór haar 18e was gestart en dat voortzetting noodzakelijk was vanwege ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen. Het hof stelde echter vast dat een specifiek behandelplan pas kort vóór haar meerderjarigheid was vastgesteld en dat concrete hulpverlening vóór haar 18e niet was gestart. Hierdoor was geen sprake van een voortzetting van een voor de meerderjarigheid aangevangen behandeling met uitzicht op afronding binnen korte tijd.
Het hof overwoog dat artikel 29a WJZ slechts een beperkte ruimte biedt voor voortzetting van gedwongen jeugdzorg na het bereiken van de meerderjarigheid, mits cumulatief aan strikte voorwaarden wordt voldaan. Omdat deze voorwaarden niet waren vervuld, oordeelde het hof dat de machtiging tot gesloten jeugdzorg na de 18e verjaardag niet rechtsgeldig was en vernietigde deze voor het gedeelte na de meerderjarigheid.
De beschikking van de kinderrechter werd voor het deel tot de 18e verjaardag bekrachtigd. Het hof wees het verzoek van de stichting tot verlenging van de machtiging voor gesloten jeugdzorg na de meerderjarigheid af. De verzoekster toonde zich bereid vrijwillige hulpverlening te accepteren, waarop de stichting zich in principe bereid verklaarde mee te werken.
Uitkomst: De machtiging tot gesloten jeugdzorg is bekrachtigd tot de 18e verjaardag en vernietigd voor de periode daarna; het verzoek tot verlenging is afgewezen.