ECLI:NL:GHARN:2009:BJ3248
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- J.P. Fokker
- H. Wammes
- M.L. van der Bel
- Rechtspraak.nl
Beoordeling overgangsregeling vervroegd uittreden onder SOHOR-CAO en uitleg uitzonderingsbepaling
De zaak betreft een geschil over de toepassing van de overgangsregeling voor vervroegd uittreden onder de SOHOR-CAO 2005/2010. Geïntimeerde, werkzaam bij Stichting Hanzehof, werd de uitkering geweigerd omdat zijn werkgever lid was van de Vereniging van Schouwburg- en Concertgebouwdirecties (VSCD), waarop volgens SOHOR artikel 2 lid 6 van Pro de CAO een uitzondering zou gelden.
SOHOR stelde dat de uitzondering in artikel 2 lid 6 ziet Pro op de Werkgeversvereniging van Schouwburgen en Concertgebouwen (WSC) en diens opvolger, de Werkgeversvereniging Nederlandse Podia (WNP), en niet op de VSCD. Geïntimeerde betwistte dit en stelde dat de tekst van artikel 2 lid 6 een Pro vergissing bevatte.
Het hof oordeelde dat de tekst van artikel 2 lid 6 objectief Pro moet worden uitgelegd in samenhang met de overige bepalingen van de CAO en de beoogde rechtsgevolgen. Uit de feiten en stukken bleek dat de VSCD geen werkgeversvereniging is en niet partij is bij de CAO, terwijl WSC/WNP dat wel zijn. Daarom moet de uitzondering worden uitgelegd als betrekking hebbend op WSC/WNP en niet op VSCD.
De grieven van SOHOR faalden, en het hof bekrachtigde de vonnissen van de kantonrechter die de vordering van geïntimeerde toewijzen. SOHOR werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de vonnissen en wijst de vordering van geïntimeerde toe, met veroordeling van SOHOR in de kosten.