ECLI:NL:GHARN:2009:BI4467
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- G. Dam
- J. Hielkema
- G.J. Niezink
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot taakstraf wegens bezit van cocaïne met specifieke recidive
De verdachte werd in eerste aanleg door de politierechter veroordeeld wegens het bezit van een hoeveelheid cocaïne van circa 12,5 gram. In hoger beroep heeft het gerechtshof Arnhem dit vonnis vernietigd en opnieuw recht gedaan. Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte op 1 april 2008 in een auto een hoeveelheid cocaïne bij zich had, wat een strafbaar feit oplevert volgens de Opiumwet.
Hoewel sprake was van specifieke recidive, waarbij de verdachte eerder voor soortgelijke feiten was veroordeeld, besloot het hof geen onvoorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen. Het hof wilde de verdachte een herkansing bieden en hem in staat stellen zijn werkkring te behouden. Daarom werd een onvoorwaardelijke taakstraf van 80 uur opgelegd, met vervangende hechtenis van 40 dagen bij niet-naleving.
Daarnaast wees het hof de vorderingen tot tenuitvoerlegging van twee eerder voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraffen af. Dit omdat essentiële processtukken, zoals aktes van uitreiking van dagvaardingen, ontbraken, waardoor niet kon worden vastgesteld of deze straffen onherroepelijk waren geworden of de proeftijd was ingegaan. Het hof sprak de verdachte vrij van overige tenlasteleggingen die niet bewezen konden worden.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een taakstraf van 80 uur wegens bezit van cocaïne, vorderingen tot tenuitvoerlegging van eerdere voorwaardelijke straffen afgewezen.