ECLI:NL:GHARN:2009:BI2557
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- S.H. Wachter
- W.F. van Zant
- A.J. Rietveld
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel uit oplichting van 25.000 euro
Het gerechtshof Arnhem heeft bij arrest van 28 april 2009 het vonnis van de rechtbank Zwolle-Lelystad vernietigd en opnieuw recht gedaan in een zaak betreffende ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel uit oplichting.
De veroordeelde was eerder veroordeeld voor oplichting waarbij hij een bedrag van 25.000 euro aan wederrechtelijk verkregen voordeel had verkregen. Het hof stelde vast dat het voordeel bestond uit twee bedragen van 5.000 en 20.000 euro die via medeverdachten en een pseudokoper aan de veroordeelde waren betaald.
Hoewel de veroordeelde verklaarde slechts 12.500 euro te hebben ontvangen en gedeeld met een medeverdachte, oordeelde het hof dat het volledige bedrag van 25.000 euro als wederrechtelijk verkregen voordeel moet worden aangemerkt. Het hof legde de verplichting op dit bedrag aan de Staat te betalen ter ontneming van het voordeel.
De beslissing is gebaseerd op artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht en de bewijsvoering uit verklaringen van het slachtoffer, medeverdachten en de pseudokoper.
Uitkomst: Veroordeelde is verplicht 25.000 euro aan de Staat te betalen ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.