ECLI:NL:GHARN:2009:BH4142
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep kort geding
- Rechtspraak.nl
Bevestiging negatief bindend studieadvies en afwijzing beroep student tegen ArtEZ
De zaak betreft een hoger beroep in kort geding van een student tegen het negatieve bindend studieadvies van de hogeschool ArtEZ, dat hem de toegang tot het vervolg van zijn studie ontzegt. De student was toegelaten op basis van uitzonderlijk talent ondanks een theoretische achterstand, maar behaalde onvoldoende studiepunten en cijfers in belangrijke vakken.
De student voerde aan dat ArtEZ onvoldoende begeleiding bood, onvoldoende rekening hield met zijn dyslexie en het overlijden van een goede vriendin, en dat het bindend studieadvies daarom onterecht was. ArtEZ stelde dat de student verantwoordelijk was voor het inhalen van zijn achterstand, dat de dyslexie pas laat bekend werd en dat de studiebegeleiding adequaat was.
Het hof oordeelt dat het College van Beroep van ArtEZ als onderdeel van een bijzondere instelling geen bestuursorgaan is en dat de bestuursrechter niet bevoegd is. Het hof bevestigt dat de Examencommissie en het College van Beroep op basis van eigen expertise en ervaring in redelijkheid hebben kunnen besluiten dat de studievoortgang onvoldoende was en dat de persoonlijke omstandigheden onvoldoende reden geven om het bindend studieadvies te herzien.
De voorzieningenrechter in eerste aanleg wordt bekrachtigd en de student wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. Het arrest is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het negatieve bindend studieadvies en wijst het beroep van de student af.