ECLI:NL:GHARN:2008:BH5088
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- M.J. van Zutphen
- C.W.P. van Gelder
- J.H. Lieber
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake verzoek tot beëindiging en verlenging van alimentatieverplichting na echtscheiding
Partijen zijn in 1970 gehuwd en in 1984 gescheiden. De man betaalde sinds de echtscheiding alimentatie aan de vrouw, die grotendeels afhankelijk was van deze bijdrage. De man verzocht de alimentatie te beëindigen per 15 maart 2007, conform de Wet limitering alimentatie na echtscheiding, die na vijftien jaar beëindiging mogelijk maakt.
De vrouw stelde dat beëindiging van de alimentatie zo ingrijpend was dat dit niet van haar gevergd kon worden en verzocht om verlenging van de termijn. Het hof overwoog dat de vrouw onvoldoende had aangetoond zich voldoende te hebben ingespannen om in haar levensonderhoud te voorzien, mede gezien haar opleidingsniveau en werkervaring. Haar gezondheidsproblemen kwamen pas decennia na de echtscheiding aan het licht en konden niet aan de man worden toegerekend.
De man wenste met prepensioen te gaan en kon de alimentatie niet langer dragen. Het hof achtte het redelijk dat de man na ruim 24 jaar alimentatiebetaling van deze last wordt bevrijd. Gelet op alle omstandigheden oordeelde het hof dat beëindiging per 15 maart 2007 te ingrijpend was, maar dat verlenging tot 1 mei 2008 zonder verdere mogelijkheid van verlenging redelijk was.
Het hof vernietigde de eerdere beschikking voor zover nodig, wees het verzoek tot onmiddellijke beëindiging af, verlengde de alimentatieplicht tot 1 mei 2008 en compenseerde de proceskosten in hoger beroep.
Uitkomst: De alimentatieverplichting van de man jegens de vrouw wordt verlengd tot 1 mei 2008 zonder verdere verlenging, het verzoek tot beëindiging per 15 maart 2007 wordt afgewezen.