ECLI:NL:GHARN:2008:BH1187
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Katz-Soeterboek
- Bronzwaer
- Brack
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep loonvordering en matiging wettelijke verhoging bij beëindiging arbeidsrelatie
In deze zaak stond centraal of appellant aan geïntimeerde een aanbod had gedaan om weer te komen werken, waardoor geïntimeerde geen aanspraak zou kunnen maken op loonbetaling. De kantonrechter had geoordeeld dat een uitnodiging om te komen praten onvoldoende was als aanbod tot werkhervatting. Het hof onderschrijft dit oordeel en wijst het verweer van appellant af.
Appellant had in hoger beroep nog aangeboden enkele getuigen opnieuw te horen, maar kon niet specificeren wat deze meer of anders zouden verklaren dan in eerste aanleg. Dit aanbod werd daarom niet gehonoreerd. Geïntimeerde heeft recht op loonbetaling tot 1 april 2006, de datum waarop hij niet meer beschikbaar was voor werk bij appellant.
Het hof vernietigt het bestreden vonnis voor wat betreft de wettelijke verhoging van artikel 7:625 BW Pro en matigt deze tot 15%. De overige onderdelen van het vonnis worden bekrachtigd. Appellant wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. Het arrest is gewezen op 3 juni 2008 door het Gerechtshof Arnhem.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter, maar matigt de wettelijke verhoging tot 15%.