ECLI:NL:GHARN:2008:BH0057
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen automatisch recht op arbeidsongeschiktheidsaftrek voor personen werkzaam in kader Wet Sociale Werkvoorziening
Belanghebbende, werkzaam op een sociale werkplaats in het kader van de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW), had voor het jaar 2003 arbeidsongeschiktheidsaftrek geclaimd bij zijn aangifte inkomstenbelasting. De Inspecteur wees deze aftrek af, waarna belanghebbende bezwaar maakte. De Rechtbank Arnhem vernietigde de uitspraak op bezwaar en kende proceskosten toe aan belanghebbende, maar wees vergoeding van kosten in de bezwaarfase af.
Belanghebbende stelde in hoger beroep dat personen werkzaam in WSW-verband per definitie voldoen aan de voorwaarden van artikel 6.20 van de Wet inkomstenbelasting 2001 en dat nadere bewijsvoering niet nodig is. Het Hof oordeelde dat dit standpunt onvoldoende is omdat de wetgever expliciet vereist dat de belastingplichtige aannemelijk maakt dat hij door ziekte of gebreken niet in staat is ten minste 55% te verdienen van wat gezonde personen kunnen verdienen, waarbij inkomsten uit WSW buiten beschouwing blijven.
Het Hof bevestigde dat het enkele feit van werkzaamheid binnen WSW niet automatisch recht geeft op de arbeidsongeschiktheidsaftrek. Belanghebbende had onvoldoende aannemelijk gemaakt dat zijn arbeidsongeschiktheid ten minste 45% bedraagt. Het hoger beroep werd daarom afgewezen en de uitspraak van de Rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt dat personen werkzaam in WSW-verband niet zonder nadere bewijsvoering recht hebben op de arbeidsongeschiktheidsaftrek en wijst het hoger beroep af.