ECLI:NL:GHARN:2008:BG6131
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- J.A.W. Lensing
- R. de Groot
- A.P. Besier
- Rechtspraak.nl
Officier van Justitie niet ontvankelijk wegens niet-indiening appelschriftuur in hoger beroep
De officier van justitie stelde hoger beroep in tegen vonnissen van de rechtbank Zutphen waarin het openbaar ministerie niet-ontvankelijk werd verklaard wegens schending van het recht op berechting binnen een redelijke termijn. Het hof onderzocht of het openbaar ministerie ontvankelijk was in het hoger beroep, mede omdat de appelschriftuur niet overeenkomstig artikel 410 Sv Pro was ingediend.
Het hof constateerde dat de schriftuur niet tijdig en niet op de juiste wijze was ingediend bij de griffie, waardoor sprake was van een vormverzuim. De verdediging was hierdoor in haar belangen geschaad, aangezien zij niet tijdig over de gronden van het hoger beroep kon beschikken. Vertragingen in de procedure, mede veroorzaakt door het openbaar ministerie, hadden al eerder geleid tot niet-ontvankelijkverklaring in eerste aanleg.
Het hof overwoog dat hoewel er belangen zijn bij inhoudelijke behandeling, deze door het tijdsverloop en eerdere schadeloosstellingen beperkt zijn. Ook waren de ten laste gelegde feiten voornamelijk vermogensdelicten. Het hof verwierp het standpunt van de advocaat-generaal dat ondanks het verzuim ontvankelijkheid moest worden aangenomen, mede omdat de verdediging niet tijdig kon reageren.
Gezien deze omstandigheden verklaarde het hof de officier van justitie niet ontvankelijk in het hoger beroep. Andere door de verdediging aangevoerde gronden werden niet meer behandeld vanwege deze beslissing.
Uitkomst: De officier van justitie is niet ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het niet tijdig indienen van de appelschriftuur.