ECLI:NL:GHARN:2008:BD9722
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rijken
- Ter Veer
- Verheugt
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging machtiging uithuisplaatsing in gesloten jeugdzorg ondanks instemmingsdiscussie
In deze zaak gaat het om het hoger beroep van een jeugdige tegen de beschikking van de kinderrechter die een machtiging tot uithuisplaatsing in een voorziening voor gesloten jeugdzorg heeft verlengd. De jeugdige verbleef sinds januari 2008 in een instelling voor gesloten jeugdzorg.
Het hof overweegt dat sinds 1 januari 2008 de Wet op de jeugdzorg (WJZ) van toepassing is, waarbij een machtiging tot plaatsing in gesloten jeugdzorg alleen kan worden verleend indien aan diverse voorwaarden wordt voldaan, waaronder ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen en een verklaring van een gedragswetenschapper. Hoewel bij de eerste aanlegprocedure niet aan alle formele vereisten was voldaan, acht het hof dat in hoger beroep wel aan deze voorwaarden is voldaan.
Verder anticipeert het hof op een wetsvoorstel dat het instemmingsvereiste van de jeugdige en diens gezaghebbende ouder(s) voor plaatsing in een justitiële jeugdinrichting zal laten vervallen. Het hof vindt het in het belang van de jeugdige dat de machtiging ten uitvoer kan worden gelegd, ook zonder instemming, om te voorkomen dat de jeugdige verstoken blijft van noodzakelijke behandeling.
Op grond van het psychologisch onderzoek en de indicatie van de stichting is vastgesteld dat de jeugdige ernstige gedragsproblemen heeft die zijn ontwikkeling ernstig belemmeren en dat gesloten jeugdzorg noodzakelijk is. Het hof bekrachtigt daarom de bestreden beschikking van de kinderrechter, met verbetering en aanvulling van de gronden, en baseert de machtiging op artikel 29b WJZ.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de machtiging tot uithuisplaatsing in gesloten jeugdzorg op grond van artikel 29b WJZ, ondanks het ontbreken van instemming van de jeugdige en ouders.