ECLI:NL:GHARN:2008:BD5669
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- N.E. Haas
- J.B.H. Röben
- D.V.E.M. van der Wiel-Rammeloo
- Rechtspraak.nl
Gerechtigheid van verontreinigingsheffing voor tweepersoonshuishouden op drie vervuilingseenheden
Belanghebbende, woonachtig met zijn echtgenote op een perceel, kreeg voor 2006 een aanslag verontreinigingsheffing opgelegd gebaseerd op drie vervuilingseenheden. Hij betwistte deze aanslag omdat de regelgeving volgens hem onevenwichtig is en niet rekening houdt met het draagkrachtbeginsel en bijzondere belangen zoals die van bejaarde huurders.
De Rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en belanghebbende ging in hoger beroep. Tijdens de zitting was verweerder aanwezig, belanghebbende was verhinderd. Het hof onderzocht de wettelijke grondslagen uit de Wet verontreiniging oppervlaktewateren en de verordening van het waterschap.
Het hof oordeelde dat het waterschap binnen de wettelijke kaders handelt door woonruimten bewoond door meer dan één persoon forfaitair te belasten met maximaal drie vervuilingseenheden. De wetgever heeft bewust gekozen voor een forfaitaire heffingsmaatstaf die geen rekening houdt met draagkracht of leeftijd van bewoners. De bezwaren van belanghebbende konden daarom niet slagen.
De uitspraak van de Rechtbank werd bevestigd en het beroep ongegrond verklaard. Er werden geen kosten aan de procedure verbonden. Beide partijen kunnen nog cassatieberoep instellen bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt dat het waterschap terecht een tweepersoonshuishouden belast met drie vervuilingseenheden.