ECLI:NL:GHARN:2008:BD2828
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Spek
- Knottnerus
- Van Rossum
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek wettelijke schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goed vertrouwen en onvoldoende onderbouwing
Appellant heeft een verzoek ingediend tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling, dat door de rechtbank Zutphen is afgewezen wegens onvoldoende bewijs van goed vertrouwen bij het ontstaan en onbetaald laten van schulden. De rechtbank stelde vast dat appellant geen jaarstukken had laten opstellen voor zijn eetcafé, geen ondernemingsplan had en geen onderzoek had gedaan naar omzet en schuldenpositie. Ook het niet afdragen van BTW en het niet betalen van leveranciers werden als indicaties van gebrek aan goed vertrouwen gezien.
In hoger beroep heeft appellant het vonnis aangevochten en betwist onder meer de omvang van verschillende schuldenposten, zoals hypotheekschulden en schulden aan leveranciers. Het hof heeft overwogen dat appellant op grond van artikel 288 lid 1 onder Pro b Faillissementswet moet aantonen dat hij te goeder trouw was in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek. Het hof concludeerde dat appellant onvoldoende duidelijkheid heeft verschaft over de oorzaak van de schulden, de betalingen die hij stelt te hebben gedaan en de huidige omvang van de schuldenlast.
Het hof merkte op dat de betwiste schulden een substantieel deel van de totale schuldenlast vormen en dat verklaringen van appellant niet door bewijs werden ondersteund. Bij gebrek aan bijzondere omstandigheden wees het hof het hoger beroep af en bekrachtigde het de vonnissen van de rechtbank.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst het verzoek tot wettelijke schuldsaneringsregeling af wegens onvoldoende aannemelijkheid van goed vertrouwen.