ECLI:NL:GHARN:2008:BD1290
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- R. den Ouden
- mr. Kooijmans
- mr. Monsma
- Rechtspraak.nl
Vernietiging naheffingsaanslag fosfaatheffing wegens onvoldoende bewijs aanvoer dierlijke mest
Belanghebbende exploiteerde in 1999 een pluimveebedrijf en diende een verfijnde aangifte in voor de mineralenheffingen met een berekende fosfaatheffing van ƒ 15. De Inspecteur legde na controle een naheffingsaanslag op van ƒ 10.460 en een verzuimboete van ƒ 104,60, gebaseerd op analyseresultaten en mestafleveringsbewijzen die een hogere aanvoer van fosfaat aangaven.
Belanghebbende betwistte de levering van tien vrachten mest die op afleveringsbewijzen stonden vermeld, met het argument dat deze bewijzen valselijk waren opgesteld en ondertekend door de mestleverancier. De handtekeningen op de betwiste bewijzen kwamen niet overeen met die van belanghebbende. De Inspecteur droeg de bewijslast om aan te tonen dat de mest daadwerkelijk op het bedrijf was aangevoerd.
De getuige verklaarde niet onomstotelijk dat de afleveringsbewijzen door chauffeurs namens belanghebbende waren getekend, en er waren meerdere onregelmatigheden zoals foutieve spelling van de naam en onlogische tijdstippen. Hierdoor ontbrak overtuigend bewijs voor de aanvoer van de betwiste mestvrachten.
Het Gerechtshof oordeelde dat de Inspecteur niet voldeed aan zijn bewijslast en vernietigde de naheffingsaanslag en boetebeschikking. Tevens werd belanghebbende het griffierecht vergoed en de Inspecteur veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De naheffingsaanslag en boetebeschikking worden vernietigd wegens onvoldoende bewijs van de aanvoer van dierlijke mest.