ECLI:NL:GHARN:2007:BC2776
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Ter Veer
- Wefers Bettink
- Van Gelder
- Rechtspraak.nl
Beoordeling of WUBO-uitkering valt onder inkomen uit arbeid in huwelijkse voorwaarden
Partijen zijn gehuwd onder huwelijkse voorwaarden met algehele uitsluiting, waarin is bepaald dat de kosten van de huishouding worden betaald uit de netto-inkomsten uit arbeid. De man ontvangt een toeslag en tegemoetkoming op grond van artikel 19 en Pro 33 van de Wet Uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers (WUBO). Het geschil betreft de vraag of deze WUBO-uitkeringen onder het begrip inkomen uit arbeid vallen zoals bedoeld in de huwelijkse voorwaarden.
De rechtbank had geoordeeld dat de WUBO-uitkering wel moet worden meegerekend bij de bepaling van het aandeel in de kosten van de huishouding, omdat deze uitkering nauw verband houdt met inkomsten uit arbeid. Het hof bevestigt dit oordeel en motiveert dat de toeslag en tegemoetkoming gekoppeld zijn aan de invaliditeit van de man en de nadelige invloed daarvan op zijn vermogen om inkomen uit arbeid te verwerven. Daarnaast wordt loonbelasting betaald over deze uitkeringen, wat hun arbeidsinkomenskarakter onderstreept.
De man had gesteld dat de toeslag bedoeld was voor extra ziektekosten, maar dit werd niet onderbouwd en door de vrouw betwist. Het hof concludeert daarom dat de WUBO-uitkeringen behoren tot het inkomen uit arbeid in de zin van de huwelijkse voorwaarden. Het hof bekrachtigt de beschikking van de rechtbank en verwijst de zaak terug voor verdere afwikkeling. De proceskosten in hoger beroep worden gecompenseerd.
Uitkomst: De toeslag en tegemoetkoming WUBO behoren tot het inkomen uit arbeid en de beschikking van de rechtbank wordt bekrachtigd.