ECLI:NL:GHARN:2007:BC0230
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging beschikking gezagswijziging vader over minderjarige dochter
De zaak betreft een hoger beroep van de moeder tegen een beschikking van de rechtbank Almelo die het gezag over haar minderjarige dochter uitsluitend aan de vader toekende. De moeder verzocht het hof de beschikking te vernietigen en het verzoek van de dochter niet-ontvankelijk te verklaren. Het hof oordeelt dat de dochter, als minderjarige van twaalf jaar of ouder, zelfstandig een verzoek kan indienen op grond van artikel 1:251a BW, en verklaart haar ontvankelijk.
Feiten tonen aan dat de dochter sinds 2002 bij de vader verblijft en dat er al meer dan vijf jaar geen contact is tussen de dochter en de moeder. De moeder heeft in die periode contact gezocht met de school en het AMK, wat de dochter als bemoeizucht ervaart. Er is geen vertrouwen tussen de ouders, wat de gezamenlijke uitoefening van het gezag bemoeilijkt.
Het hof concludeert dat het belang van het kind voorop staat en dat een zinvolle gezamenlijke uitoefening van het gezag niet mogelijk is. Daarom wordt het hoger beroep van de moeder afgewezen en de beschikking van de rechtbank bekrachtigd. De proceskosten in hoger beroep worden gecompenseerd vanwege de procedure tussen moeder en dochter.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking dat het gezag over de dochter uitsluitend aan de vader toekomt en wijst het hoger beroep van de moeder af.