ECLI:NL:GHARN:2007:BB1495
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.M. Ettema
- J. Lamens
- N.E. Haas
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt classificatie brood- en rijstdranken als limonade voor verbruiksbelasting
Belanghebbende, een groothandel in biologische en reformproducten, maakte bezwaar tegen de verbruiksbelasting op brood- en rijstdranken die zij produceert en verhandelt. Het geschil betrof de vraag of deze dranken onder de definitie van limonade vallen zoals bedoeld in artikel 9 van Pro de Wet op de verbruiksbelastingen van alcoholvrije dranken.
Brooddrank wordt ambachtelijk bereid via een fermentatieproces en bevat diverse natuurlijke bestanddelen. Rijstdrank wordt gebruikt als alternatief voor melk en sojamelk, met een laag eiwitgehalte. Beide producten werden door het Douane Laboratorium onderzocht en als limonade geclassificeerd.
Het Hof stelde vast dat brooddrank voldoet aan de criteria van limonade, aangezien het een gezoete en gearomatiseerde drank is die bedoeld is om koud te worden gedronken. Het beroep van belanghebbende dat brooddrank een medicinale drank zou zijn, werd verworpen omdat het product slechts een algemeen gezondheidsbevorderend effect heeft.
Voor rijstdrank oordeelde het Hof dat deze niet onder de uitzonderingsbepaling voor melk- of soja-dranken valt, omdat het niet uit melkproducten of soja is bereid en het eiwitgehalte niet overeenkomt met melk. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde eveneens.
Het Hof verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de aanslag verbruiksbelasting. Proceskosten werden niet aan belanghebbende toegekend.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de aanslag verbruiksbelasting op brood- en rijstdranken wordt ongegrond verklaard.