ECLI:NL:GHARN:2007:BB1056
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rijken
- Smeeïng-van Hees
- Van Rossum
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot tussentijdse beëindiging van de WSNP en bekrachtiging vonnis rechtbank
In deze zaak verzocht Arenda II B.V. het gerechtshof Arnhem om het vonnis van de rechtbank Arnhem van 29 maart 2007 te vernietigen en de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) van geïntimeerden tussentijds te beëindigen, met uitsluiting van de werking van de schone lei ten opzichte van haar vordering. Arenda stelde dat geïntimeerden laakbaar en verwijtbaar hadden gehandeld door een auto waarop een bezitloos pandrecht rustte te verkopen, en dat zij niet voldeden aan hun verplichtingen binnen de WSNP.
Geïntimeerden betwistten dit en stelden dat zij niet te goeder trouw waren geweest en dat zij de situatie rondom het bezitloze pandrecht niet bewust hadden verzwegen bij de toelatingszitting. De bewindvoerder ondersteunde geïntimeerden en gaf aan dat zij hun verplichtingen binnen de WSNP grotendeels nakwamen, ondanks enkele kleine tekortkomingen.
Het hof oordeelde dat het bezitloos pandrecht voor een gemiddelde lezer zonder juridische kennis niet duidelijk maakte dat de auto niet mocht worden verkocht. Ook was niet aannemelijk dat geïntimeerden niet te goeder trouw hadden gehandeld of bewust informatie hadden achtergehouden. De stellingen van Arenda waren onvoldoende om de tussentijdse beëindiging van de WSNP te rechtvaardigen. Het verzoek om de schone lei reeds nu buiten werking te stellen ten opzichte van Arenda werd eveneens afgewezen omdat de wet dit niet toestaat.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde Arenda in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst het verzoek tot tussentijdse beëindiging van de WSNP af.