ECLI:NL:GHARN:2007:BA9558
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Van Loo
- Knottnerus
- Groefsema
- Rechtspraak.nl
Geen verplichting werkgever tot aanbieden consignatiediensten aan werknemer
Appellant, werkzaam bij Hak Infranet B.V. sinds 1997 als voorman GGW, vorderde in hoger beroep wedertewerkstelling in consignatiediensten en betaling van consignatie- en overwerkvergoedingen. Hij stelde dat het draaien van consignatiediensten onderdeel was geworden van zijn functie en dat Hak hem deze diensten moest aanbieden.
Het hof oordeelde dat het draaien van consignatiediensten geen vast onderdeel van de arbeidsovereenkomst was, mede omdat appellant deze diensten slechts beperkt en onregelmatig had verricht en er geen duidelijke afspraak bestond dat dit onderdeel van zijn functie was. Tevens is de werkgever afhankelijk van opdrachtgevers voor de organisatie van consignatiediensten en heeft deze het recht de samenstelling van de storingsdienst te bepalen.
Verder overwoog het hof dat op grond van artikel 7:611 BW Pro de verplichting van de werkgever om de overeengekomen arbeid te laten verrichten afhangt van de aard van de dienstbetrekking en bijzondere omstandigheden. Gezien de arbeidsongeschiktheid van appellant en de noodzaak continuïteit van de dienst te waarborgen, was Hak niet verplicht appellant de consignatiediensten aan te bieden. Het hof bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter en veroordeelde appellant in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vorderingen van appellant af.